Vertrouwen is goed, controle is beter?

Tijdens een conferentie met defensiepersoneel waarin stil werd gestaan bij hoe mensen HNW beleven, is met elkaar uitgebreid onderzocht hoe kernwaarden als vrijheid, verantwoordelijkheid en vertrouwen ingevuld kunnen worden. Er ontstonden open discussies waarbij de deelnemers met respect naar elkaars opvattingen luisterden en open stonden voor andere ideeën of invalshoeken. Er werd geprofiteerd van elkaars kennis en ervaring en er ontstond een soort gezamenlijke beeldvorming van hoe HNW er idealiter uit zou kunnen zien. In mijn beleving was deze bijeenkomst een heel mooi voorbeeld van samenwerken in HNW: HNW is immers maakbaar en geef je met elkaar inhoud.

Bij de kernwaarde ‘vertrouwen’ is vrij lang stilgestaan. In hoeverre geef je vertrouwen aan je medewerkers of collega’s, bij welke taken kan dat wel of niet en is vertrouwen aan iedereen te geven? Is vertrouwen bij aanwezigheid van personeel anders dan vertrouwen bij afwezigheid (thuiswerken) van personeel? Heel veel vragen met, niet echt verrassend, heel veel verschillende antwoorden. Wat met een zekere regelmaat terug kwam was de vraag ‘is controle in sommige situaties niet beter’? Vertrouwen versus controle. In dit artikel sta ik stil bij drie invalshoeken van vertrouwen: intra-persoonlijk, inter-persoonlijk en ‘oud’ versus ‘nieuw’ werken.

1. De eerste invalshoek is intra-persoonlijk. Je bekijkt vertrouwen vanuit je eigen standpunt en referentiekader. Vertrouwen begint bij jezelf. Je kunt je afvragen wat vertrouwen voor jou betekent. Ook kun je je afvragen waaruit vertrouwen blijkt. Dus welk gedrag laat jij zien als je de waarde vertrouwen hoog in je vaandel hebt staan? Wat doe je dan concreet? Kom je bijvoorbeeld altijd op tijd en houd je je aan je afspraken? Je kunt je ook afvragen in hoeverre je jezelf ‘vertrouwt’. Dit klinkt misschien heel raar, maar is de moeite van het onderzoeken waard (in verschillende contexten) en kan verrassende inzichten opleveren. Er is geen sprake van goed of fout maar van (het ontwikkelen van) zelfkennis. Het is heel belangrijk om vertrouwen voor jezelf goed in beeld te brengen om vandaar uit vertrouwen in relatie met anderen te brengen. Je kunt het intra-persoonlijk aspect zien als de fundering van een huis. Zorg dat die stevig is dan kun je vervolgens verder bouwen.

2. De tweede invalshoek is inter-persoonlijk. Het gaat er hierbij om hoe jij met vertrouwen omgaat richting anderen ( je collega’s of teamleden). Wat betekent vertrouwen voor hen? Op welke wijze geven zij invulling aan vertrouwen? Dus opnieuw de vraag: welk concreet gedrag laten ze zien m.b.t. vertrouwen? Het kan zijn dat zij met jou op een lijn zitten en het kan ook zomaar zijn dat zij totaal andere opvattingen hebben over het creëren en in stand houden van vertrouwen. Er is maar één manier om daar achter te komen: vraag het aan ze! En vul het niet te snel voor anderen in. Zeker bij samenwerking is onderling vertrouwen heel essentieel en goed om af te stemmen wat daar voor iedereen onder verstaan wordt. Onderschat dit niet: vertrouwen speelt een hele bepalende rol bij samenwerking. Ga per dag/week eens na hoe vaak er ‘iets’ speelt m.b.t. vertrouwen. Dat kan zowel de aan- of afwezigheid van vertrouwen zijn of juist de spraakverwarring m.b.t. vertrouwen. Dit kan een mooi uitgangspunt vormen voor een teamgesprek over samenwerking. Zeker aan de start van samenwerken in HNW.

3. Het oude werken versus het nieuwe werken. Hoe was het met het vertrouwen gesteld in het oude werken? Was er voldoende vertrouwen aanwezig? Verandert er iets in HNW ten opzichte van vertrouwen en zo ja, wat? De essentie van deze invalshoek is dat je je kunt afvragen of vertrouwen eigenlijk mee verandert in andere werksituaties. De discussie over vertrouwen komt vooral sterk naar voren als er sprake is van plaats- en tijd onafhankelijk werken terwijl je je net zo goed kunt afvragen of dat vertrouwen in het oude werken al in ruime mate aanwezig was. Bij deze invalshoek kun je dus de (automatische) koppeling tussen vertrouwen en HNW ter discussie stellen. Als vertrouwen in het oude werken ‘mager’ aanwezig was, dan komt dit juist in HNW versterkt naar voren omdat deze werksituatie vertrouwen als fundament hard nodig heeft.

Los van deze invalshoeken kun je je afvragen: wat is er eigenlijk mis met controle? Ik denk dat daar helemaal niets mis mee is. Als ik ’s avonds naar bed ga ‘controleer’ ik ook of de deuren goed dicht zijn. Soms omdat ik mezelf niet vertrouw en soms omdat ik mijn (indertijd jonge) kinderen die verantwoording niet volledig kan en wil geven. Zo beschouwd krijgt controle voor mij meer de lading van begeleiding. Daarmee haal ik de negatieve lading van het woord controle weg. Zodra controle te maken heeft met een gebruik aan vertrouwen ontstaat er een andere situatie. Ik geloof oprecht dat controle het opbouwen van een vertrouwensrelatie flink in de weg kan staan. Als mensen bij herhaling gecontroleerd ‘moeten’ worden dan geeft dat mij de indruk dat die mensen niet capabel zijn voor hun taken. Want als ze dat wel zijn, waarom dan die controle?

Echter, als controle ingezet wordt als begeleiding aan collega’s of teamleden die dat nodig hebben en prettig vinden, dan is dat in mijn beleving een prima managementtool.

Ik kan me voorstellen dat dit onderwerp veel emoties oproept en ook veel vragen. Heb je een vraagstuk dat met vertrouwen in HNW te maken heeft en ben je benieuwd hoe anderen daarmee omgaan? Schrijf je dan hier in voor ‘Samen werken aan HNW’ op maandag 12 december. Tijdens deze dag is volop gelegenheid om te profiteren van elkaars kennis en ervaring m.b.t. HNW.

This entry was posted in Geen categorie. Bookmark the permalink.